Tourist LeMC: “Mijn muziek is een genre dat nog niet echt bestond”

Op zijn nieuw album “En Route” peddelt Tourist LeMC doorheen zijn leven op een eigen ingeslagen weg. Meer muziek, minder hiphop. En toenemende waardering. “Het slaat aan, de mensen smaken het.”

Wat een timing. Fietsend over de zonnige Zurenborgse Draakplaats komt ‘Tourist’ gelijktijdig aan op de interviewplaats. Zijn baard is iets langer, de nieuwe plaat iets muzikaler. Vertrekkend van hiphop vertakt Tourist LeMC naar kleinkunst, folk en reggae. “Ik heb mijn opleiding gehad vanuit de Franse hiphop: heel rauwe, eerlijke muziek”, legt Johannes Faes (30) uit. “Ik probeer ook heel eerlijke verhalen te vertellen. Dat wordt geapprecieerd. Tegenwoordig luister ik naar alles en word ik door verschillende genres beïnvloed, vandaar de verbreding van mijn muziek.”

Je album heet “En Route”. Waar ben je zoal naar toe geweest?

Naar de studio, om op te nemen. (lacht) Het thema is nogal tweeledig. Enerzijds heb ik de officieuze titel als stadstroubadour gekregen. Dat is iemand die dorp tot dorp afgaat om liedjes en verhalen te brengen. Anderzijds hoor je mijn persoonlijke weg in het leven, op het ietwat spirituelere pad. In vergelijking met “Antwerps Testament” zijn sommige nummers persoonlijker.

Je hebt in dit album de brug gemaakt tussen hiphop en kleinkunst. Hoe is die verbinding verlopen?

Eigenlijk kon je op “Antwerps Testament” al duidelijk horen dat ik geen doorsnee hiphopper ben. Daar zat wat folk in. De media begonnen mij te vergelijken met andere kleinkunstzangers zoals Wannes Van de Velde. Die lijn heb ik verder gezet richting “En Route”. De link met folk blijft. Mijn muziek is een genre dat nog niet echt bestond. We zijn dus met een origineel en speciaal project bezig geweest.

Wou je deze muziek altijd al maken?

Het is een evolutie geweest. Hetgeen ik nu doe, voelt meer en meer natuurlijker aan. In het begin was het even zoeken: wat voor muziek wil ik brengen? Naarmate ik ouder werd, ben ik verschillende muziekstijlen beginnen luisteren.

Ondanks die evolutie wordt je geapprecieerd door rappers zoals Kleine Ben & King B. Sterker, je krijgt support uit alle contreien.

Ik vertrek nog steeds vanuit hiphop. Ik zit in een subgenre binnen hiphop waar er talloze genres zitten. Het is leuk dat andere rappers dat kunnen waarderen.

Je bent nu twee jaar bij Top Notch. Welke wind bracht dat in je leven?

Top Notch biedt me een heel goede muzikale ondersteuning om te kunnen doen waar ik mee bezig ben. Ik heb nu redelijk veel contacten in Nederland. Vroeger ging ik nooit naar Nederland, nu kom ik er op verschillende plekken. We hebben bijvoorbeeld opgetreden op Eursonic Noorderslag in Groningen, toch een prominent Europees muziekfestival. Naar het noorden van Nederland rijden was wel ver: dat is al bijna Denemarken.

Hoe word je ontvangen bij onze noorderburen?

In Nederland krijg ik verschillende reacties. Een deel kan mijn Belgisch accent totaal niet smaken. Mijn accent klinkt misschien wat exotisch in de oren. Een ander deel apprecieert dat dan weer enorm.

Heb je nog contact met Typhoon?

Jawel, wij horen elkaar nog. Hij is heel druk bezig met zijn album dat vorig jaar uitgekomen is. Dat kende in Nederland enorm veel succes.

Hij deed een featuring voor jou op “Visa Paspor”. In een vorig interview op FLUS zei je dat je niet snel samenwerkt met artiesten.

Inderdaad. Ik moet me kunnen vinden in de mens achter de artiest en zijn muziek moet echt goed zijn. Het zijn allemaal topartiesten waarmee ik tot nu toe heb samengewerkt.

Je hebt drie samenwerkingen op je album, waaronder “Adieu”, het nummer dat je met MC Fit maakte voor het FastForward-project van Puma en Top Notch. Heb je er een muzikale vriend aan overgehouden?

Jazeker. Fit is een heel toffe kerel. Hij richt zich op hetzelfde genre als mij. Hij is ook een heel muzikale hiphopartiest. Er zijn gelijkenissen tussen ons: het klikt goed. “Adieu” is een heel sterk nummer geworden. De samenwerking werkte verruimend. Ik ben hem tevoren enkele keren tegengekomen op Top Notch-gelegenheden: het ijs was toen al wat gebroken.

 

“Toen ik volledig in de hiphopwereld zat, deed Flip Kowlier me inzien dat er voor een rapper nog meer is dan enkel hiphop.”

 

Ook met Flip Kowlier werkte je samen.

Dat contact verliep ook heel vlot. Ik had hem al ontmoet op verschillende optredens. We hebben ook dezelfde booker. Ik wou hem graag op mijn album. Hij is een heel chique artiest, ook altijd een hiphopper geweest. Hij maakte ook kleinkunst- en reggae-albums. Toen ik volledig in de hiphopwereld zat, deed Flip Kowlier me inzien dat er voor een rapper nog meer is dan enkel hiphop. In dat opzicht gold hij als een voorbeeld. Het verschil tussen ons is dat hij zijn verschillende genres duidelijk onderscheidt. Ik meng alles een beetje. Hij waardeerde mijn muziek, een goede voorwaarde om samen te werken.

En Bart Peeters?

Op mijn vorig album stond ook een kleinkunstgroep: Katastroof, nu is dat Bart Peeters geworden. Hij is ons een beetje overkomen. Ik had een nummer geschreven (“Meester Kunstenaar”, nvdr.) waarvan ik wist dat het ingezongen refrein niets voor mij zou zijn. De producer waarmee ik werkte had al met Bart Peeters samengewerkt en stelde voor om Bart uit te nodigen om het refrein te zingen. Hij kende mijn muziek en was er meteen voor te vinden.

Met “Antwerps Testament” trad je op in het Antwerpse. Had je toen het gevoel dat je een ruimer publiek aankon?

Ja, ik had ervoor al door dat mijn publiek verder reikt dan hiphopliefhebbers. Er kwamen al vrij vroeg dertig- en veertigplussers naar mijn optredens. Ik kreeg positieve feedback uit verschillende hoeken. Ik wist wel dat ik meer kon dan enkel de hiphoppodia.

Ook de inhoud sloot op dat album volledig aan bij de diamantenstad. En dat voor iemand die afgelopen zomer op de Gentse Feesten speelde.

“Antwerps Testament” was inderdaad heel Antwerps getint. Toch waren die thema’s vrij universeel, dus dat betekent dat we ook in Gent kunnen spelen. We openden zelfs met “Mijn Stad”. Dat was een heel geslaagd optreden: het plein stond vol. “En Route” is minder Antwerps gekleurd, hoewel er hier en daar wat verwijzingen staan. Verhalen over Antwerpse wijken, de kleuren van mijn stad. Je hoort nog altijd dat ik een Antwerpenaar ben. De stad heeft me gevormd tot wie ik ben: een toerist. Ik ben als jongen opgegroeid in die super diverse stad. Dat heeft me als artiest en als mens gekneed. Op dit album hoor je dat wel, zoals in “Verhalen Van De Wijk”.

Je vertrek bij Eigen Makelij verliep ietwat mysterieus. Toch trad je vorig jaar op bij “EM V”, de jaarlijkse Eigen Makelij-party, om hun vijfde verjaardag te vieren. Bovendien is er nog wederzijdse waardering tussen jou en de EM-artiesten.

Mijn EM-optreden was misschien wel nodig om de fans te laten zien dat er geen problemen waren tussen mij en die artiesten. Ik heb heel veel respect voor wat die mannen doen.

Opvallend: je maakt nauwelijks losse tracks.

Ik breng vaak verhalen, ik heb thematische nummers met een boodschap. Dat past beter in een bepaald kader dan dat ik het zomaar verspreid. Veel hiphoppers doen dat. Voor hen kan dat uit noodzaak of promo zijn. Er zijn er maar weinig die een platform hebben zoals ik bij Top Notch. Spijtig, want er is veel talent in Vlaanderen. Hiphop wordt hier niet echt opgepikt.

 

“Bij de start van dit album zag het er voor driekwart helemaal anders uit dan wat het uiteindelijk is geworden.”

 

Je treedt relatief weinig op. Wat doe je dan in de tussentijd?

Muziek maken. We hebben heel veel tijd genomen om dit album af te werken. Toch een tweetal jaar. Het concept zat al een tijdje in mijn hoofd. Anderhalf jaar geleden hebben we de knoop doorgehakt om het af te werken. Bij de start van dit album zag het er voor driekwart helemaal anders uit dan wat het uiteindelijk is geworden. Met twee top producers hebben we er veel aan gesleuteld. We waren met iets anders bezig, daarom namen we onze tijd ervoor. We hebben goed gezocht naar de juiste sound.

Vroeger werkte je voltijds: zo’n album kon jij je toen niet permitteren.

Ja, ik ben een jaar geleden deeltijds beginnen werken: die combinatie is nu iets gemakkelijker. Als hulpverlener biedt mijn job me wel inspiratie voor mijn muziek. Ik maak muziek vanuit de dingen die ik beleef. Als ik blijf groeien – zowel als persoon als in mijn job – dan kan mijn muziek er alleen maar op vooruitgaan.

Heb je nu het gevoel dat “En Route” een volwaardig product is?

Dat had ik bij het Antwerps Testament eigenlijk al. Uiteindelijk was het een heel conceptueel album met een mooie verhaallijn. Het materiaal dat we nu hebben gebruikt was eerlijk gezegd niet veel anders dan vroeger, toen we opnamen in een semiprofessionele studio. We hebben wel aan de sound geprutst om het kwalitatief naar een hoger niveau te tillen.

Je wordt zowel op Radio 1 als op Q-Music gedraaid. In hoeverre pas jij je aan?

Niet. Ze zeggen wel eens: “Wat doe jij daar op Q-Music? “ Ik maak gewoon de muziek die ik wil. Ik laat me niet beïnvloeden door iemand of iets.

 

over de auteur

Sander Carollo

LinkedInTwitter